In de voorlaatste Unit van deze module lees je een tekstfragment over arbeidsmigranten in Vlaanderen. De tekst is gebaseerd op het artikel '1.000 'witte' Polen per maand naar Vlaanderen' dat op 30 mei 2007 op de webstek van De Standaard geplaatst werd. De Standaard is een Vlaams dagblad dat sinds 2004 op tabloidformaat verschijnt. Net als de andere Belgische kranten De Morgen en De Tijd noemt De Standaard zichzelf graag een 'kwaliteitskrant'. De Standaard legt zich vooral toe op binnen- en buitenlands nieuws, cultuur en economie. Klik hier voor de inleiding in het Engels.
Neem de volgende acht zinnen over. Lees ze aandachtig en onderlijn alle betrekkelijke bijzinnen.
Copy the following eight sentences. Read them carefully and underline all relative clauses.
Sinds 1 juni vorig jaar kunnen Vlaamse bedrijven gebruik maken van een snellere procedure voor het verkrijgen van arbeidsvergunningen voor arbeidsmigranten
Ze mogen die nieuwe arbeiders alleen gebruiken voor het invullen van beroepen, waarvoor er te weinig kandidaten gevonden worden in eigen land.
Momenteel werken er arbeidsmigranten in 112 beroepen, waarvan een groot deel in de bouwnijverheid.
De grootste groep in de bouw zijn de metselaars, met 785 vergunningen in een jaar.
Maar het merendeel van de 14.209 aangezochte arbeiders komt in de seizoensarbeid terecht.
De Vlaamse overheid deelt mee dat ongeveer 1.148 arbeidsimmigranten per maand arriveren.
88 procent van de binnengehaalde werkers zijn Polen.
De Roemenen en de Bulgaren, die sinds 1 januari van dit jaar tot de Europese Unie behoren, vertegenwoordigen 6% van het totaal.
Have you finished? Click here to check your answers.
Taak 2: Woorden vertalen
Zoek de volgende woorden en samenstellingen op in een vertaalwoordenboek. Kies een (Engelse) vertaling die past in de context van het tekstfragment. Vertaal de stam, niet de vorm van het woord die je in de tekst aantreft.
Look up the following words and compounds in a bilingual dictionary. Identify a translation that fits in the context of the fragment. You should translate the stem, not the word as it appears in the text.
Zin 1:
sinds
gebruik maken van
arbeidsvergunningen
Zin 2:
invullen
kandidaten
eigen
Zin 3:
bouwnijverheid
Zin 4:
metselaars
Zin 5:
merendeel
komt … terecht
seizoensarbeid
Zin 6:
deelt mee
Zin 7:
binnengehaalde
Zin 8:
Bulgaren
vertegenwoordigen
Van zodra je klaar bent, kan je hier je antwoorden nakijken.
Once you have finished, click here to compare your answers.
Taak 3: Definities en synoniemen opzoeken in het woordenboek
Zoek in het onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands naar definities of synoniemen voor zes woorden uit de tekst. Kies enkel synoniemen en definities die in de context van het fragment passen. Geef een correcte definitie/synoniem voor de stam, niet voor de vorm van het woord die je in de tekst aantreft. Door hier te klikken, kom je bij de oefening.
Please look for a synonym/definition in the online dictionary Van Dale Hedendaags Nederlands for six words from the text. Only choose synonyms/definitions that fit in the context of the text fragment. You should give a correct definition/synonym for the stem, not for the word as it appears in the text. Please click here to enter the exercise.
Taak 4: Grammatica en syntaxis
Beantwoord de volgende vragen over de grammatica en syntaxis. Denk eraan dat in deze taak verschillende vragen gesteld worden over het gebruik van de substantiveerde infinitief en van het voltooid deelwoord als adjectief.
Now answer the following grammatical and syntactical questions. Note that questions will be asked about the use of the infinitive as a noun and the past particple as an adjective.
Algemeen:
Zoek alle gesubstantiveerde infinitieven die in de tekst voorkomen. / Find all infinitives that are used as nouns in the text.
Zin 1:
Wat is het onderwerp? / Identify the subject.
Zoek een werkwoord met voorzetselconstituent. / Find a phrasal verb.
Splits de samenstelling arbeidsvergunningen. / Split the compound arbeidsvergunningen correctly.
Zin 2:
Wie zijn die nieuwe arbeiders? / Who are die nieuwe arbeiders?
Geef het onderwerp van de betrekkelijke bijzin. / Identify the subject of the relative clause.
Zin 3:
Zoek naar een synoniem voor bouwnijverheid in de tekst. / Find a synonym for bouwnijverheid in the text.
Zin 4:
Geef de stam van het werkwoord waarvan metselaar is afgeleid. / Metselaar is derived from a verb. Give its stem.
Zin 5:
Zoek naar een voltooid deelwoord dat als adjectief gebruikt wordt / Identify a past participle used as an adjective.
Zin 6:
Geef het onderwerp van de ondergeschikte bijzin. / Give the subject of the subclause.
Zin 7:
Zoek naar een synoniem voor werkers in de tekst. / Find a synonym for werkers in the text.
Zoek naar een voltooid deelwoord dat als adjectief gebruikt wordt. / Identify a past participle used as an adjective.