De taken in deze vierde en laatste herhaalles zijn
dezelfde als degene die je in Units 16 tot 20 hebt gemaakt. In de Herhaalles en
Test
4 wordt nagegaan hoeveel kennis je hebt opgedaan in de laatste
vijf Units. Mocht je problemen ondervinden bij het beantwoorden van de vragen,
dan raden we je aan Units 16 tot 20 eerst te herzien alvorens te beginnen aan
de Gespecialiseerde Modules. Ondervind je geen moeilijkheden met Herhaalles en
Test 4, dan kan je van start gaan met een van de Gespecialiseerde Modules.
De tekst die je hier zult lezen, ben je eerder
tegengekomen in Unit 7 in verkorte en aangepaste
vorm.
Als je de inleiding in het Engels wil lezen, klik dan hier.
Tekstfragment - Text Fragment
|
Intern is de School gescheiden en verdeeld in zes afzonderlijke scholen
of klassen, die te vergelijken zijn met trappen of graden, waarbij de ene op
de andere volgt om zo tot de volmaaktheid te komen en te geraken, die nodig
is om aan de Hoge School te beginnen. Elke klas wordt met een bepaalde naam
aangeduid en wordt een bepaalde Meester toegewezen, die de leerlingen die
onder zijn hoede gesteld zijn, alle boeken die hen zijn opgelegd, moet
uitleggen en verklaren. Tweemaal per jaar, in de weken voor
Pasen en in de week voor Kerstmis,
worden de jongeren geëxamineerd en ondervraagd door de Rector, om na te gaan
hoever ze in hun studies gekomen zijn en of ze sinds de laatste examens wel
voldoende gevorderd zijn. Hij die bevonden wordt het best geleerd te hebben,
wordt met eergiften vereerd, en in de volgende klas geplaatst, om zo van klas
tot klas te gaan, totdat hij op het punt komt dat hij door de Rector zelf
onderwezen wordt. Eens tot perfectie gekomen, gaan de leerlingen naar de Hoge
School of Academie. |
Voor de tekst in originele versie / The original text can
be found in:
Digitale Bibliotheek voor de Nederlandse Letteren at http://www.dbnl.org/tekst/orle001besc01_01/.
Taak 1: Lezen - Task 1: Reading
Neem de
volgende vijf zinnen over. Lees ze aandachtig en onderlijn alle lijdende
vormen.
Copy the following five sentences.
Read them and underline all passive voices.
Ben je klaar?
Kijk dan hier
je antwoorden na. / Have you finished? Click here to check your answers.
Taak 2: Woordenschat: vertalen - Task 2: Vocabulary: Translating
Zoek de volgende woorden en
samenstellingen op in een vertaalwoordenboek. Kies een (Engelse) vertaling die
past in het tekstfragment. Vertaal de stam, niet de vorm van het woord die je
in de tekst aantreft.
Look up the following words and compounds in a bilingual
dictionary. Identify a translation that fits in the context of the fragment.
You should translate the stem, not the word as it appears in the text.
Zin 1:
Zin 2:
Zin 3:
Zin 4:
Van zodra je klaar bent met
deze oefening, kan je hier je
antwoorden nakijken.
Once you have finished, click here
to compare your answers.
Zoek in het
onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags
Nederlands naar definities of synoniemen voor vijf
woorden uit de tekst. Kies enkel synoniemen en definities die in de context van
het fragment passen. Geef een
definitie/synoniem voor de stam, niet voor de vorm van het woord die je in de
tekst aantreft. Door hier te klikken, kom je bij de
oefening.
Please look for
a synonym/definition in the online dictionary Van Dale Hedendaags
Nederlands for five
words from the text. Please only choose
synonyms/definitions that fit in the context of the text fragment. You should give a definition/synonym for the
stem, not for the word as it appears in the text. Please click here
to enter the exercise.
Taak 4: Grammatica en syntaxis - Task 4: Grammar and Syntax
Beantwoord de volgende vragen over de grammatica en syntaxis.
Now answer the following grammatical and syntactical questions.
Zin 1:
Zin 2:
Zin 3:
Zin 4:
Zin 5
Ben je klaar? Kijk dan hier je
antwoorden na. / Have you finished? Click here to check your answers.
Beantwoord de volgende vragen over de inhoud van de
tekst. Je antwoorden moet je uit de Nederlandse tekst halen.
Now
answer the following questions on the content of the text. Try to answer in
Dutch using a sentence, a part of the sentence or a word from the text.
Klik hier om je antwoorden na te kijken. /
Click here to check your answers.
Taak 6: Vertaling - Task 6: Translation
Maak een duidelijke en vloeiende Engelse vertaling van de
tekst. Van zodra je klaar bent, kan je hier je vertaling nakijken.
Try to make
a clear and fluent English translation of the text. After finishing, click here
to compare your translation.
Tenslotte vragen we je de volgende woorden uit de tekst
in te studeren.
Finally,
you should try to memorise the following words from the text.
1. scheiden: in delen of groepen
verdelen; splitsen [to separate; verb]
2. verdelen: in stukken delen
[to divide; verb]
3. afzonderlijk: apart; los van
andere zaken [separate; adj]
4. vergelijken: vaststellen wat
verschillend en wat hetzelfde is [to compare; verb]
5. nodig: iets wat nodig is,
kan niet gemist worden [necessary; adj]
6. bepaald: iets wat bepaald
is, onderscheidt zich van andere zaken [specific; adj]
7. aanduiden: noemen [to
indicate; verb]
8. de leerling: iemand die les
krijgt [pupil; noun]
9. verklaren: duidelijk maken [to
explain; verb]
10. de jongere: een persoon die nog
niet volwassen is; iemand van jonge leeftijd [young person; noun]
11. ondervragen: (hier) vragen
stellen tijdens een examen; overhoren [to test; verb]
12. de studie: iets wat je
studeert [study; noun]
13. voldoende: genoeg [enough; adv]
14. onderwijzen: kennis overbrengen [to
teach; verb]
Als je je kennis van de woordenschat wil testen, klik dan
hier.
/ Next, please click here to test your
vocabulary knowledge.
Klik hier
voor Test 4. Klik hier om terug te keren naar de home page.
Click here to go to Test Session 4. Click here for the home page.