Inleiding tot
de tekst
In Unit 8
lezen we een fragment uit het werk Begin ende Voortgangh vande
Nederlantsche Geoctroyeerde Compagnie (Begin en voortgang van de Nederlandse Geoctroieerde
Compagnie) van de Nederlandse historieschrijver Isaac Commelin. Commelin
(1598-1676) was een van de meest productieve verzamelaars en bewerkers van
reisverhalen van zijn tijd. Hij begon rond 1640 oude en nieuwe reisverhalen
bijeen te brengen die voornamelijk over reizen naar Oost-Indië gingen. Een
selectie daarvan bracht hij, chronologisch geordend en voorzien van enige
uitleg, op de markt. De Amsterdamse boekverkoper Johannes Janssonius gaf de
ruim twintig verhalen uit in de tweedelige bundel Begin ende
Voortgangh vande Nederlantsche Geoctroyeerde Compagnie - de geschiedenis van de VOC, dus. De bundel
verscheen in 1645 en werd in 1646 herdrukt. Het stukje dat we hier lezen, is
een beschrijving van het eiland Borneo.
Vanaf deze
Unit lezen we de fragmenten in facsimile versie. Als je weinig vertrouwd bent
met zestiende en zeventiende-eeuwse lettertypes, raden we je aan hier (webstek in het Engels) eerst iets meer
te lezen.
Tekstfragment

Het fragment werd ontleend aan:
Commelin, Isaac, Begin ende
Voortgangh van de Vereenighde Neederlantsche Geoctroyeerde Oost-Indische
Compagnie (Amsterdam: 1646).
Taak 1: Lezen
Lees
de bovenstaande tekst aandachtig.
We vragen je de
eerste drie zinnen (tot landewaert in)
en de laatste zin van de tekst (die begint met Sy) te transcriberen. Je hoeft niets aan de originele tekst te
wijzigen. Klik hier om je antwoord te vergelijken.
In
Taak 3 moet je voor zeven woorden uit de tekst de hedendaagse vorm geven. Al deze
woorden bestaan nog in het hedendaagse Nederlands, je hoeft enkel de spelling
te moderniseren. Klik hier voor de oefening.
Taak 5: Woordvormen moderniseren
In
taak 4 moet je een aantal oude woordvormen uit de tekst moderniseren (door ze,
bijvoorbeeld, te splitsen). Het gaat hier niet om het simpelweg moderniseren
van de spelling; kijk goed naar de context waarin deze woordvormen gebruikt
worden. Klik hier
voor deze oefening.
Taak 6: Tekstbegrip
Beantwoord de volgende vragen over de inhoud van
de tekst. Je antwoorden (in originele spelling) moet je uit de tekst halen.
Kijk hier je antwoorden na.
Taak 7: Vertaling
Zet de tweede zin
van de tekst naar het hedendaagse Nederlands om. Je vertaling hoeft niet
identiek te zijn aan de voorbeeldvertaling, zolang de betekenis van je tekst
maar dezelfde is. Van zodra je klaar bent, kan je hier je vertaling
nakijken.
Taak 8: Vertaling
Maak een
duidelijke en vloeiende Engelse vertaling van de eerste negen regels (tot visscher) van de tekst. Tip: al waer ’t maer (regel 9) = al ware het maar (of ook: ook al is het maar). Van zodra je klaar
bent, kan je hier je vertaling
nakijken.
Taak 9: Woordenschat
We vragen je de woorden die je nog niet kent (of niet
hebt opgezocht) uit het lijstje hieronder voor jezelf op te zoeken in een
verklarend of vertalend woordenboek. Tenslotte willen we hier nog vermelden dat
je in het door ons samengestelde Glossarium
16de en 17de-eeuws Nederlands alle woorden uit de teksten
kan terugvinden die nu niet langer gebruikt worden of die vandaag een andere
betekenis hebben. Ook dialectwoorden zijn in het Glossarium opgenomen.
Zin 1:
·
varen
Zin 4:
·
het geweer
Zin 5:
·
de boog
·
kwetsen
Zin 6:
·
het varken
Klik
hier voor Unit G9. Klik hier
om terug te keren naar de home page.